Aangeboren Aandoeningen

Veel aangeboren of congenitale aandoeningen kunnen met de huidige wetenschappelijke en medisch-technische kennis vroegtijdig worden opgespoord.

Elke screening heeft zowel voordelen als nadelen. Mogelijke voordelen zijn de preventie van kwalijke verwikkelingen of zware behandelingen en het vergroten van de kans op herstel. Mogelijke nadelen zijn onterechte geruststelling bij vals-negatieve resultaten, nodeloze ongerustheid bij vals-positieve resultaten en door de screening zelf veroorzaakte complicaties.

Als screening aan een grote groep wordt aangeboden, wat bij een bevolkingsonderzoek altijd het geval is, wordt de hele groep blootgesteld aan de eventuele nadelen, terwijl slechts enkelen de voordelen ervan ondervinden. Voordat men beslist om een bevolkingsonderzoek te organiseren, moet men er dus zeker zijn dat de voordelen opwegen tegen de nadelen.

Voor de elf aandoeningen die door het Bevolkingsonderzoek Aangeboren Aandoeningen met een bloedstaal worden opgespoord, is zowel internationaal als voor Vlaanderen aangetoond dat de voordelen van de screening opwegen tegen de nadelen ervan.

De elf aangeboren aandoeningen komen zelden voor. Juist daarom worden ze vaak ook zeldzame aandoeningen of weesziekten genoemd. Allemaal samen zijn ze echter wél een belangrijke oorzaak van ziekte en sterfte. Het bevolkingsonderzoek zorgt ervoor dat in Vlaanderen jaarlijks gemiddeld 25 kinderen minder sterven of verstandelijk gehandicapt zijn.

Deze 11 aangeboren aandoeningen worden momenteel opgespoord:

Het is mogelijk dat de lijst met aandoeningen die door het bevolkingsonderzoek worden opgespoord in de toekomst verandert of wordt uitgebreid, bijvoorbeeld door nieuwe wetenschappelijke inzichten of maatschappelijke noden. Dat kan echter alleen als de voordelen van die aanpassing of uitbreiding opwegen tegen de nadelen ervan. Bovendien moet alles altijd in overeenstemming zijn met de Vlaamse regelgeving over bevolkingsonderzoek.